Er zijn van die wijken die je niet uitlegt. Maar die voel je. Het oude Crooswijk in Rotterdam was zo’n wijk.
De vrouwen zaten voor de deur op klapstoeltjes te “beppen”. Urenlang. Gewoon buurtnieuws uitwisselen alsof het een live-uitzending van Radio Rijnmond was. "Heb je dat gehoord van dat wijf op nummer 38 dan?" En voor je het in de gaten had, wist de halve wijk het ook.
En dan had je natuurlijk de legendarische wielerronde van Crooswijk. Voor buitenstaanders misschien gewoon een lokaal wielerevenement. Maar voor Crooswijk? Dat was het WK, de Tour en de Olympische Spelen tegelijk. De hele wijk liep uit. Stoeltjes langs de kant. Kinderen met ijsjes. Ooms die al sinds elf uur bier stonden te drinken alsof ze zelf moesten fietsen. Iedereen kende wel iemand die “bijna gewonnen had” in een bepaald jaar.
Het hoorde bij de wijk. Zoals Feyenoord bij Rotterdam hoort. Of zoals de ouwe temeier bij Katendrecht hoort. En wie Crooswijk kent, weet: kerst was daar geen vredesfeest. Nee joh. Dat waren de beroemde kerstboomgevechten. Complete veldslagen tussen verschillende stukken van de wijk. Kerstbomen vlogen door de lucht alsof het middeleeuwse speren waren. Jongens renden door de straten. Vuren op pleinen. Sirenes in de verte. Iedereen opgefokt. En toch, hoe gek het ook klinkt, er zat daar iets prachtigs in.
Maar langzaam veranderde Crooswijk. Eerst een paar huizen plat. Toen nieuwbouw. Toen nog meer nieuwbouw. De oude bruine cafés verdwenen. De snackbars waar je friet haalde met veel te veel mayo maakten plaats voor hippe koffietentjes waar je acht euro betaalt voor een cappuccino met havermelk. De arbeiders trokken weg. De huren gingen omhoog. En ineens reden er bakfietsen door straten waar vroeger opgevoerde scooters en brommers stonden.
Nu lopen er yuppen met canvas tassen en biologische etenswaren langs plekken waar vroeger kinderen met kapotte voetballen speelden. En begrijp me niet verkeerd: die nieuwe huizen zijn mooi. Netjes. Schoon. Veilig. Maar soms voelt het alsof Crooswijk z’n ziel een beetje heeft ingeruild voor strak straatwerk en zonnepanelen. Want wat verdwenen is, krijg je niet zomaar terug. Je kan huizen slopen en nieuwe bouwen. Je kan gevels opknappen. Je kan de wijk moderner maken. Maar die oude sfeer? Dat rauwe Rotterdamse hart? Dat bouw je niet in beton.
En soms, als je goed luistert in een stille straat tussen de nieuwbouw, hoor je het bijna nog. Een stem uit een open raam. "Hé pikkie… kom je nog naar huis of wat?"
Quote: Denk alleen maar aan het verleden als dat je enorm veel plezier geeft !!

hing als kind uit het raam van pootstraat 56 te kijken naar de
BeantwoordenVerwijderenronde
en helaas crooswijk waar ik be opgegroeid bestaat niet meer